STAAT VAN GOED IN NEIGEM bij overlijden van Adriaen Overdijns
 


SvG bij overlijden van Adriaen Overdeyns raeymaecker van stiel , man van Elisabeth Van Bossuyt , 5 kinderen

1) Jenne Catharina
2) Judocus
3) Marie
4) Barbarina
5) Marie Adriana

V.P. Joos Overdijns , hij is omschreven als " raijmaecker " en ook als " callier "
V.M. Jan Van Bossuyt


I ) ERFGRONDEN VAN DE HOUDERIGGE

Geen daar haar moeder alsnog in leven is dus hier voor memorie

II ) ERFGRONDEN VAN DE OVERLEDENE

Het is de houderigge voorlopig onbekend welke paternele goederen zij tot Strijtem of Lombeke als baten heeft.

De marge vermeldt dat er nog " ondersoeck " moet gebeuren


III ) CONQUESTEN

1) een behuysde hofstede te Neygen gecompeteert hebbende Leonaert De Vlaeminck met consoorten groot omtrent een out dw.
- voren tegen sheeren strate
- onder tegen de Molenbeke
- ten derden de volgende stede gecompeteert hebbende Mr. Frans De Pester
- oost Salomon Vander Eecken

vercreghen in 1683 van Geert Buydens op een voortane rente van 7 R 15 S sjaers aan de voorste Geert Buydens

De waarde is verminderd met het kapitaal van de rente : 60 R

2) sekere andere stede alsnu " onthuyst "
- noort de straete
- oost de voorste stede van desen sterfhuyse
- suyt de Molenbeke
- west de hofstede genoempt " den Wildeman " competerende alsnoch oock dese houderigge

vercreghen jegens Mr. Adriaen Vander Elst bij brieven van acquisitie anno 1697 en is in grootte 50 roeden en is in waarde : 40 R

3) een stedeken genaempt " de Wildeman " int voorste Neygen jegens de voorste stede gelegen oock ter Plaetse
- suyt de Molenbeke
- west de stede genaempt " de Swaene " competerende de heere bailliu

vercreghen van Sr. de Regnancourt boven de last van de heerlijcke rente daerop uytgaende aen de heere van Wedergrate tot 21 S sjaers , aen de kercke van Liefferingen tot 8 S sjaers , hier voor baete : 50 R

4) botervat , moille , tafel , 5 stoelen : 3 R 8 S

5) 2 tinnen schotels , 2 gelaijen schotels , 2 tallooren , 2 bierpotten , 2 andere gelaije schotels : 3 R 15 S

6) 2 eyseren pannen , 4 eyseren potten , 1 brandelaer , hael , rooster , gaffel , een hanghende pot eyser : 4 R 11 S

7) melckeemer , watereemer , 7 melckteilen , seencuype , botercuype , scherfbert , schapraye , huyssel : 5 R 1 S

8) al het " geprepareert ende gemaeckt caliergoet " ende welck in de winckel is : 12 3R

geprezen door de V.P. die ook raeymaecker "is

9) al de boomen en blocken " ongesaeght ende onwerckt ligghende voor den huyse " : 24 R

10) een swerte en een roij blaer coebeeste en een jonck calf : 36 R

11) een vercken : 8 R

12) 4 hunderen : 24 S

13) een witte kiste : 36 S

14) 36 tienlingen cooren geprezen a 12 S / tienling
15) 400 coorenstroij a 2 R / 100 : 8 R

16) een bedde met den huppelinck : 10 R

17) 4 paer slaepelaeckens : 8 R

18) 2 flauwijnen , 6 servetten , 11 hemden , al het cleyn lynwaert : 17 R

19) de cleederen van de houderigge blijven voor haar rauwcleedt dus memorie

20) 20 tienlingen ongedorsschen erwten geprezen op 11 S / tienling

21) het stroij op de schelft : 12 R

22) het mes in den hove : 4,5 R

23) alle de hoppestaecken tot 1200 en is 3 R / 100 dus hier : 42 R

24) de saeghe , bijtels en bijlen noodich tot het doen van " raijmaeckers ambacht " met de schouppen geprezen door de V.P. als callier : 20 R

25) de mesvette in de hoppe : 3 R

26) 2,5 dw. cooren " ter braecke gesayt " en is voor het labeur en het saysel : 19 R 4 S

27) de naervette van " mes en margel " van 2 dw. op het Neygenvelt : 6 R

28) 1 slaepbancke , 2 spinnewielen , 6 steenen vlas , 1 deel caf : 8 R 15 S

29) tegoeden van " callierwerck " :

- Sr. Joannes Steps : 3 R
- wed. Joos De Coster : 1,5 R
- wed. Anthoon Claes : 2 R
- Jan Thienpont : 12 R

30) een sister ronsche boonen a 15 S / veertel : 3 R

T.B. : 422 R 6 S


DE KOMMERS

1) aan dhoors Jan Vande Sande van geleende penningen : 62 R

2) aan Cornelis Gauditiobois tot Aelst over rest van obligatie : 12 R

3) aan nichte Vander Borcht tot Brussel over geleend geld : 6 R

4) aan Anna Overdijn over geavanceerd geld : 30 R en 36 R

5) aan Jan Vanden Neucker gewesen knecht in de winckel over " haerbijt loon " : 12 R

6) aan Jan Wijnsels oock gewesen knecht over bodeloon : 11 R

7) over pacht :

- aan de scholaster van Meerbeke over 2 jaar pacht : 4 R . . . S

- aan het gasthuys van Sinte . . . tot Brussel over weijdehuur : 28 R

- aan Niclaes Van Winghen over 4 jaar pacht : 18 R

- aan dhoors Joos Herremans over pacht : 2 R

- aan Joos Van Heghe over pacht : 5 R

8) aan Pieter Van Vreckem " soo over winckelwaeren als over geavanceerden gelde " : 53 R

9) aan Abraham Van Eesbeke tot Windicke over rest van coopen gedaen ten sterfhuyse van wijlen Jacques Tiebaut : 4 R

10) aan Joos Van Heghe over levering van graen : 6 R

11) aan Mr. Adriaen Vander Elst over een bewijs op Adriaen Lippens : 3 R

12) aan Jan Van Bossuyt over 1,5 cappoen heerlijke rent die de heere treckt op de costerijegoederen die bij haer gedefracheert sijn dus op moderatie van 2 jaar : 4 R 4 S

13) aan de heere bailly de Regnancourt over heerlijke rente : 6 R

14) aan de heere van desen lande over de heerlijke rente op " de Wildeman " over jaren 1699 en 1700 : 2 R 2 S

15) aan de kercke of de pastoor van Lieferinge : 16 S

16) aan Geert Buydens over verloop van rente gedurende 5 jaar aan 7 R 15 S sjaars

17) aan Sr. Max. Bayens tot Ninove over obligatie van 100 R

18) aan Sr. Van Vaerenberch van salarissen : 7 R

19) aan Joos Lippens collecteur der settingen van Denderwindeke van 3 R 15 S / bunder : 2 R 5 S

20) aan Gillis Buydens idem over Neygen van het jaar 1700 a 8 R / bunder : 12 R

21) aan Moran knecht over bodeloon en rest van godspenning : 4 R 19 S

22) aan N. Vastersavonts en Adriaen Ruijsinck tot Ninove over winckelwaren : 36 S

23) aan de heer baljuw Vanden Abbeelen over reste van contributie van Neygen : 3 R

24) de vacatie van de baljuw int passeren van deze staat van goed : 2 R 2 S
25) idem de schepenen : 2 R 2 S
26) idem de greffier : 2 R 2 S
27) idem de greffier over de double van de staat van goed : 3 R

28) aan de procureur Vander Elst over sallaris : 3 R

29) aan de baljuw over afnemen van de eeden en . . : 3 R 18 S

30) aan Antonius Minne tot Meerbeke over reste van settingen : 2 R 10 S

31) aan F. Vanden Abbeele procureur van de lande van Wedergrate over sallarissen : 4 R 10 S

32) aan Pieter Lippens over reste van settingen van Meerbeke : 15 S

T.K. : 449 R 16 S

Dus meer K dan B tot : 27 R 10 S


Present op 13.10.1700 : Pr. Vanden Abbeelen bailly 1700 , Gillis Buydens en Jan Van Bossuyt